We gaan geen controversiële post starten over de ridicule discussie over de Sint en zijn Pieten (ik durf het woord zwart er al niet meer bij te typen). Met de maand mei op komst starten we met een reeks over steltlopers. Want de komende weken kan je die zeker tegenkomen als je op de juiste plekken gaat vogels kijken.
Zwart en wit.
We starten met een groep waarvan er bij ons slechts één vertegenwoordiger is, de scholekster. Een luidruchtig baasje dat zowel tijdens de verleiding van zijn vrouwtje als nadien als er jonge “schollies” rondlopen zich constant laat horen. Een kenmerkend piet piet of een scherp en luid tepiet tepiet leverde hen in Nederland de bijnaam “bonte piet” op. Het verenkleed is opvallend maar simpel. Wit aan de onderzijde en zwart aan de bovenzijde. Meneer en mevrouw hebben dezelfde garderobe.

Adulte vogel in broedkleed
Keelband.
In de zomer zijn de adulte vogels volledig zwart. Maar in hun winterkleed dragen ze een witte keelband. Dan kan je de adulte vogels en de 1ste winter vogels (dat zijn de jongen van dat jaar die hun 1ste winter meemaken) te onderscheiden door twee verschillen. De snavel van een adulte vogel is volledig oranje. En bij de 1ste jaars vogels is er een zwarte snavelpunt te zien. Een tweede verschil is de kleur van de rug en de vleugels. Bij adulte vogels mooi zwart en bij 1ste jaars vogels bruinzwart en doffer van kleur. De juveniele vogels zijn nog iets doffer en hebben witte randjes aan hun vleugeldekveren. Die houden ze tot aan hun 1ste winter en dan zijn bij de meeste vogels die randjes verdwenen. Letterlijk, ze zijn afgesleten.

Bruinzwarte rug, zwarte snavelpunt, witte keelband : 1ste winter.

Ondanks dat we de snavel niet zien door de zwarte rug : adulte vogels in winterkleed.
Dakwerkers.
Scholeksters kom je al lang niet meer enkel tegen aan de kust. Hier zien we ze op soms in weides en dan vaak in de buurt van gebouwen met platte daken. Ze vinden deze daken bedekt met stenen blijkbaar een goed plekje om een nest te bouwen. Bouwen is trouwens een groot woord. Een kuiltje tussen de stenen vinden ze meer dan goed genoeg. En waarom ze platte daken verkiezen is simpel. Probeer maar eens een ei te leggen op een schuin dak. Dat kan zelfs onze bonte piet niet.

Het kenmerkende zwart-witte patroon tijdens de vlucht met de knal-oranje lange snavel is onmiskenbaar. Als je trouwens goed kijkt kan je zelfs op deze afstand de adulte en de 1ste jaars vogels uit elkaar halen. Bij vogel 3, 4 en de laatste zie je de zwarte snavelpunt. Dit zijn dus 1ste jaars vogels. Al de rest zijn adulte bonte pieten.