Juni, de start van een periode waar menig vogelliefhebber een beetje van baalt. Het valt dan een beetje stil. De broedvogels doen vooral waarvoor ze zijn aangekomen, jongen grootbrengen. Geen tijd om veel te zingen of zich mooi te laten zien. De trekvogels hebben nog geen plannen om hun lange trip aan te vatten en over de wintergasten zal ik maar zwijgen. Armoe troef, alhoewel…
Schulense weelde
Woensdag ging ik eerst mijn telronde doen aan de Caetsweyers. Het water stond door de overvloedige regen mooi hoog. Jammer voor de kleine pleviertjes. Die liepen er wat verloren bij. Hun nestje zal zonder enige twijfel ondergelopen zijn. Maar voor de rest aan jong leven geen gebrek. De vreemde pulli van de meerkoeten zag ik overal rondzwemmen. Het blijven rare wezentjes. Tussen de biezen ontwaarde ik ook een aantal jonge kokmeeuwen. Broedsels geslaagd. Iets verder zwom een tafeleend met jongen. Op een paar vijvers zaten de kokmeeuwen alweer te broeden, maar ook meerkoeten en twee paartjes dodaars hadden duidelijk eieren die ze warm hielden. Leuk waren het paartje futen waar het vrouwtje duidelijk geen vertrouwen had in die rare kwiet met zijn verrekijker. Ze bleef netjes watertrappelen vlak bij wat volgens mij haar nest was. Een mooi palletje vogels voor een gebied dat eigenlijk er vrij kaal bijligt. Dat belooft voor de toekomst.

Na deze telling reed ik door naar Schulen. Daar is altijd wel iets te beleven en dat bleek een stevige onderschatting. Ik werd verwelkomd door de krakerige roep van een mannetje zomertaling. Ondertussen wel in een wat ‘verfomfaaid’ verenpakje, maar het blijft een mooie verschijning. Een grutto was druk op zoek naar eten voor (hopelijk) zijn jongen die iets verder in het grasland zaten te wachten. De kieviten hadden veel werk met het verjagen van alles en iedereen, zelfs de tureluurs kregen hun portie ‘gelapwing’. Overal vlogen oeverzwaluwen. Daartussen kwamen de visdieven een showtje geven. Sierlijk zoals alleen zij dat kunnen. In de verte zat de ooievaar op zijn nest. Vermoedelijk met jongen aan zijn gedrag te zien, maar ik kreeg ze jammer genoeg niet in het vizier. Aan de drasplas aan de buitenkant van de dijk liep een zwarte ruiter. Eentje die was blijven hangen of die te vroeg zijn broedgebied had verlaten. We zullen het nooit weten. Zo een exemplaar in zomerpakje is toch een stevig cadeau. Ik vergelijk het met een jongeman die netjes in smoking naar een feest trekt. Terwijl hij in de winter met een slobbertrui en een oude jeans in zijn zetel ligt te suffen. Deze had duidelijk zijn smoking aan. Dankzij een tip van een andere vogelkijker hoorde ik ook de kwartelkoning. Een topsoort om mijn lange lijstje mee te bekronen. Armoe troef? Amehoela. Wat een topgebied!
Maatje meer
Vrijdag bleef het maar regenen en bleef ik dan ook thuis. Ik haat regen. Klussen genoeg. Ook geen fan van, maar soms moet het. Zaterdag kroop ik toch weer vroeg uit mijn bed. Een tip van Carlo waar ik kans had om boomvalken te zien in de Maten deed mij naar Genk rijden. Ik vertrok om 6 uur aan het spiksplinternieuw bezoekerscentrum. Jammer genoeg was het pas in de namiddag open. Maar het weer was niet ideaal. Donker en bewolkt met regelmatig wat gemiezer. Toch werd het een leuke wandeling. Met minder soorten dan in Schulen, maar wel een paar toppers. Het begon met een ontmoeting met een bever. Deze kwam recht naar mij toe gezwommen om vervolgens heel elegant onder te duiken. Ik kon zijn brede staart mooi zien. Onderweg geen boomvalken, maar wel twee overvliegende lepelaars en om af te sluiten een woudaap die mooi van de oever naar het riet vloog. Topgebied twee van de voorbije week.

Zondag stond mijn derde topgebied van deze week op het programma. Het Hageven in Pelt. Helemaal in het noorden van Limburg, vlak tegen de Nederlandse grens. Het gebied loopt eigenlijk door bij onze noorderburen. Vlak na zonsopgang stond ik er al op de parking, klaar voor een mooie wandeling. Met alweer een aantal leuke soorten. Snor zingend in het riet, grote karekiet die hetzelfde deed. Op de heidevlakte zoemde dan weer een sprinkhaanzanger, riep een kwartel en zag ik ook grauwe klauwier. Maar vooral de ‘gewone’ soorten zorgden voor een mooi lijstje. In totaal zag ik de voorbije week 73 verschillende soorten. Toch niet slecht voor een weekje in juni. Misschien is het dipje elk jaar niet te wijten aan minder vogels, maar net omdat veel vogelkijkers een pauze inlassen omdat ze denken dat er toch minder te zien is. Want ik elk van de door mij bezochte gebieden liep ik bijna alleen rond. Dat is dan wel zonder rekening te houden met die bus vogelkijkers die op de parking aan het Hageven klaar stonden om het gebied in te trekken toen mijn wandeling er al op zat. Enkel de boomvalk stuurde zijn kat. Figuurlijk dan…
