Drama in zwart-wit

Een ganse week heeft het ouwe wijven geregend. Liters en liters. Dat er dan een weekend volgt met een prachtige en zonnige ochtend is als vogelkijker een opsteker. Zangposten in overvloed, want in de gietende regen je territorium verdedigen is echt niet aangenaam. Dus voor hen tijd om de schade in te halen. De doordringende geur en prachtige witte bloemenovervloed van de op dit moment volop bloeiende meidoorns neem ik er graag bij.

Genieten in geuren en kleuren

Dubbelgangers

Dus kon ik weer een aantal soorten bijschrijven op de jaarlijst van mijn local patch. Het ging om de verwachte zomergasten. Eerst een paartje gierzwaluwen die – zonder hun kenmerkende gegier – even boven mijn hoofd kwamen ronddraaien. Voor hetzelfde geld had ik ze gemist.
Even later hoorde ik vanuit een rietkraag een variabel gebrabbel. Dat moest even gecheckt worden. Al gauw had ik door dat ik naar een bosrietzanger zat te luisteren. Redelijk op tijd teruggekeerd van zijn Afrikaans avontuur. Hi was zo vriendelijk om ook nog even te poseren. Zonder zijn zangprestatie had ik er evengoed een kleine karekiet van gemaakt. Want ze lijken echt als twee druppels water op elkaar. Zeker als hij dan ook nog eens in het riet zat rond te springen. Gelukkig voor mij bleef hij voluit zijn kenmerkende zang ten berde brengen. Die is echt heel verschillend voor deze soorten.

Bosrietzanger mooi in beeld

Even later stond ik aan het kalkmoeras opnieuw naar een liedje te luisteren. Deze keer zonder twijfel een kleine karekiet. Iets ervoor had ik al een schuchtere poging gehoord in een hoekje met riet. Maar dat bleef een twijfelgeval. Deze keer was het echter heel duidelijk. De krassende tonen van een kleine karekiet. Heel even in beeld. Want poseren doen deze stiekemerds niet graag. Maar zelfs dat was niet nodig. Zijn toontje was overtuigend genoeg.
Drie nieuwe soorten voor mijn jaarlijst. Niet slecht. Enkel de spotvogel ontbreekt nog van de te verwachten zomergasten.

Tachtig is prachtig

Een omwegje langs Herten met de wagen leverde mij nog een nieuwe jaarsoort op. Zo kon ik mijn weekend afsluiten met een mooi rond getal. Vanuit mijn ooghoek zag ik een zwaluw met een wit kontje voorbijvliegen. Niet onverwacht, want op die plek broeden er al jaren huiszwaluwen. Minstens eentje was dus al teruggekomen. Denkelijk zijn er al wat meer aan het broeden, maar ik had geen tijd om te stoppen. De komende weken toch eens een kijkje gaan nemen.

Net ervoor was ik nog eens op pad geweest om nog wat vogels te gaan ringen. Dit jaar is het nog maar een mager beestje geweest met één raaf – wel een topsoort – en een nestje van maar twee huismussen thuis in een nestkast. Dat moet beter!
Daarom ging ik even een kijkje nemen bij ‘mijn’ koppeltje kieviten aan de manège. Al snel kreeg ik drie pulli in beeld. Al stevige pubers met al een beginnend kuifje. Dus hoog tijd om ze te ringen. Ik printte de locatie waar ik eentje zag in mijn hoofd en stapte de akker op. Even later stond ik met een van de jongen in mijn hand. Nummer twee en drie waren – zoals zij dat zo goed kunnen – onzichtbaar geworden. De ouders voerden voortdurend dreigvluchten uit. Dus ging ik snel hun zoon of dochter van een ring voorzien en na het meten van de vleugel en het wegen mocht hij of zij terug vrij. De rest liet ik met rust, want eenmaal de ganse familie gealarmeerd blijven de jongen heel lang onbeweeglijk liggen. Ze vinden is dan onbegonnen werk en ik wil ze zeker niet te veel storen. Op twee andere locaties kon ik er nog drie en eentje ringen. Een stijging van mijn ringprestatie met bijna 200%.

Een net geringd kievitsjong

Hopelijk

Door ze te ringen hebben we kans om te weten te komen of deze jonge kieviten het halen. Want voor deze soort is het een harde strijd om te overleven. Van het koppeltje aan de manège zijn er minstens drie pulli nog in leven. Maar ik zag dat dit perceel nog moet bemest en ingezaaid worden. Dus kans dat ze nog sneuvelen.
Op de plek waar ik er drie kon ringen liggen de akkers er al mooi bewerkt bij. Geen idee hoeveel er daar die dagen overleefd hebben. De derde locatie was een hotspot voor kieviten. Maar nu was het er – buiten een eenzaam vrouwtje met een jong – heel stil. Aan de overzijde van de weg zaten een aantal kieviten op een pas bewerkte akker. Daar waren aardappelen geplant en lag alles kraaknet op rechte rijen. Op een van die rijen zat een vrouwtje – open en bloot – op een nest. Het teken dat haar vorige broedsel – eieren of jongen – het niet gehaald hebben. Ondergeploegd.

Wreed? Dat klopt. Maar het is voor boeren onmogelijk om, zonder hulp van vogelkijkers of natuurliefhebbers, hun werk uit te voeren zonder dat er slachtoffers vallen. Je kan moeilijk als landbouwer je akkers onbewerkt laten tot de jonge kieviten kunnen vliegen.
Dat de meeste boeren daar het hart van in zijn, bewees een telefoontje dat ik onlangs kreeg van een boer die ik ken. Hij ging mest uitrijden en vertelde mij dat er dit jaar toch wel wat kieviten zaten. ‘Hoe kan ik dat doen zonder dat ik ze verstoor?’ was zijn niet te beantwoorden vraag. Alle nesten opsporen of jongen vinden zou dagen, zelfs weken tijd kosten. Dus gaf ik hem de raad om tijdens het uitrijden van het mest toch proberen er een aantal te vinden en te ontwijken. Hopelijk is dat gelukt. Want de boeren moeten zoals je weet altijd verder ploegen.

Onbekend's avatar

Auteur: Crazy Birder

Gedreven door natuur!

Plaats een reactie

NATUURVERSLAVING

De wonderen der natuur op het netvlies van Willem Bosma

Dippyman

A blog about wildlife and well-being, by Paul Brook

Steven Kijkt Vogels

Een (foto)blog over vogels in Nederland

SLAGPEN

Vogels kijken doe je met je oren.

Evolutionary Stories

Funny and remarkable observations in evolutionary research