Deze blauwstaart die ik ooit kon fotograferen aan de Belgische kust voldoet zonder twijfel aan de term die we vandaag bespreken. Een dwaalgast.
Het gaat om soorten die opduiken op plaatsen waar ze normaal gezien niet thuis horen. De illegalen van de vogelwereld zou ik durven te stellen. Heel vaak gaat het om lange-afstandstrekkers. Sommigen worden door zwaar weer volledig uit koers geslagen en belanden zo in onze regio. Weer anderen blijken dan te veel energie te hebben en doen er op hun normale eindbestemming nog een stukje bij. Een mooie engelse term hiervoor is “overshoot”.

Sperwergrasmus, ook soms uit koers geslagen.
De periode dat je bepaalde van deze dwaalgasten kan verwachten heeft dikwijls te maken met hun trekperiode of de weersomstandigheden. Dus je kan ongeveer voorspellen wanneer er die ene of andere soort zou kunnen opduiken. Maar of ze dat ook gaan doen blijft natuurlijk steeds afwachten. Een orkaantje aan de overzijde van de oceaan levert dan soms Amerikaanse gasten op. En een stevige wind vanuit het oosten kan dan weer oostelijke of Aziatische soorten naar hier brengen.
De luiere dwaalgast durft ook al eens meeliften met een bootje. “Ship-assited” noemen ze die dan. Meestal komen ze al dwalend boven de oceaan op een boot terecht en varen ze de rest van de tocht netjes mee. Om dan, als de boot ergens aanmeert, aan land te gaan.

Deze sneeuwuil kwam indertijd met het bootje.
Voor twitchers zijn dit leuke waarnemingen waar dikwijls heel veel volk naartoe komt. Maar zelf durf ik zo een dwaalgastje hier in de buurt ook wel met een bezoekje vereren. Want extreme dwaalgasten duiken niet zo vaak op. En er dan niet bij zijn is een dwaling van formaat. Om het bij ons onderwerp te houden.