Dag 1: Schuilen in de Delta
(zondag 4/9/2022)
De eerste morgen viel de regen al met bakken uit de hemel. Maar binnen blijven was geen optie. Wij waren daar om vogels te zien, dus werd de regenkledij uit de koffers gehaald en reden we samen met onze gids Bas naar de Delta.
De dag begon met een halfuurtje schuilen onder een afdakje van wat blijkbaar een winkeltje was aan een vrachtwagenparking.
De kris-kras door elkaar geparkeerde tientonners waren het bewijs hiervan. Toen de regen wat minderde gingen we op pad. Slecht ingeschat, want nog geen halfuur later kregen we weer een stortbui cadeau en was iedereen doornat. Ons lot van de komende dagen.

Maar door die regenbuien gingen ook alle vogels die voorbijtrokken naar de grond. De soortenlijst ging in een sneltreintempo omhoog. Sperwergrasmus mooi open, zelfde zicht op een noordse nachtegaal. Maar ook voorbijvliegende kiekendieven, overal grauwe klauwieren, bijeneters, scharrelaars. Een mooie vlucht kortteenleeuweriken, die ook nog even netjes vlak voor ons gingen zitten om ze nog eens goed te kunnen bekijken. Kortom, vogels in overvloed.
Dit in een van de weinige groene zones vlak bij de stad. Als je denkt dat wij genoten van een prachtig natuurgebied, dan moet ik dit even beter plaatsen. Inderdaad, veel struiken en boompjes en massa braamkoepels waar elke doortrekker graag even in komt verpozen. Maar daartussen ligt een massa zwerfvuil. Afgewisseld met regelmatig een meneer met een geweer. De jacht is er blijkbaar verboden, maar geen (jacht)hond die er zich wat van aantrekt. Het loopt er vol met plezierjagers. Een fenomeen dat je er maar moet bijnemen, maar dat gelukkig langzaam maar zeker afneemt. Het zit jammer genoeg nog ingebakken in hun cultuur. Maar als je dat vuil en die jagers wegdenkt, dan loop je door een prachtig natuurgebied. Verstand op nul en vogels spotten!

Gelukkig was onze trouwe chauffeur zo slim geweest om met het busje al tot aan de kust van de Zwarte Zee te rijden. Zo konden we ons lunchpakket opeten zonder dat ons doosje vol regende. Want de volgende stortbui was een feit.
Na ons middagmaal wandelden we langs de kust tot aan de monding (onze gids noemde het een delta, iets wat onze grappigste reisgenoot en kerstmanlook-a-like Nigel ten stelligste tegensprak). Onderweg – in de bosjes met vooral duindoorn langs het keienstrand – opnieuw heel veel vogels. Kleine klapekster was een van de leuke vondsten. Maar een groepje dartelende dolfijnen kregen ook onze aandacht. Welke soort het juist was blijft een vraag. Er waren zeker tuimelaars bij. Aan de monding werden we getrakteerd op een geweldige waarneming van een juveniel woudaapje. Ook een grote karekiet liet zich schitterend bewonderen. Maar de mooiste waarneming op die plek was zonder twijfel een tweetal breedbekstrandlopers die heel dichtbij op het slib kwamen foerageren. Ze vinden was makkelijk. ‘Ze zitten vlak voor die blok piepschuim’ was de boodschap van onze gids Bas.



Volg ons avontuur op mijn blog. Dag per dag.
Next post: ‘Dag 2 – Turkse tuinbewoners’
Foto’s: Jan Pelckmans