We haalden dit weekend weer een rond getal binnen. Netjes naar nummer 60. Hoewel ik nog een aantal ‘makkelijke ‘soorten mis zit ik goed op schema. Het was een groepje rietgorzen in het riet – lijkt logisch – aan het kalkmoeras in de Broekbeemd die mij de kaap van de 60 deden ronden. Al een paar keer ging ik op zoek naar deze mooie gorsachtigen. Maar tot op vandaag bleven ze onvindbaar. Vandaag lieten ze zich goed horen en heel even ook zien, in de vlucht.
Bonussoort voor deze week was een luid roepende keep. Zijn ‘gekwéék’ trok mijn aandacht op een eenzame vogel die in de top van een populier zat. Hoewel ik hem niet goed kon bekijken, was het geluid duidelijk genoeg om deze soort op mijn lijst te zetten.
Vuurwerk
De waarneming van deze week was echter het vuurgoudhaantje. Deze dwerg – het is het kleinste vogeltje van ons land – kan zijn gestalte ruim compenseren met een opvallende kuif. Ik had het genoegen om twee maal eentje te ontdekken deze week. Eerst in de Broekbeemd waar in een paar sparren het geluid van goudhaantjes mijn aandacht trok. Na een paar minuutjes de dode takken af te speuren kreeg ik ‘de oogstreep’ in mijn kijker. Want de koptekening is het grote verschil tussen een vuurgoudhaantje en een ‘gewoon’ goudhaantje.

Vrijdag was het opnieuw prijs. Ook hier weer een aantal sparren – hun favoriete bomen – met daarin de hoge tonen van goudhaantjes. Deze keer was de ontmoeting nog intenser. Want op een paar meter van mij vandaan kwam een mannetje vuurgoudhaan mij verblijden door zijn prachtige kuif in vol ornaat te tonen. Als ze enthousiast zijn – dat is toch wat ik er van denk – spreiden ze hun kopveren open en tonen ze hun knaloranje kuif. Gewoonweg vuurwerk.
Kaal
Het is trouwens het moment om vogels te gaan zoeken in haagkanten of bosjes. Hun takken staan weliswaar al volop in de knop. Maar de bladeren zijn er nog niet. Hierdoor is de kans om vogels te spotten veel groter dan binnen een goede maand. Eenmaal het bladerdek terug dicht is gegroeid wordt het een veel moeilijkere opdracht. Dus profiteren is de boodschap.
‘Nu profiteren van de kale bomen en hagen is de boodschap’
De kruinen van de bomen en haagkanten afspeuren levert nu vaak leuke soorten op. Het vuurgoudhaantje dat ik kon vinden is het levende bewijs.
Ooievaar
Dat niet elke waarneming een soort erbij is op de lijst, hoort bij het spel. De volgende twee moest ik dan ook zonder ze op te schrijven laten passeren.

Hoewel het ook een vogel is, maakt deze Mechelse dame geen kans om op mijn jaarlijst te komen.

Ooievaar zou dan weer wel een extra soort zijn. Maar dit exemplaar telt niet mee. Is het trouwens wel een ooievaar? Volgens mijn vogelgids ontbreken een paar kenmerken. Maar de maker van dit fraaie kunstwerk had alvast deze soort in zijn hoofd. Hopelijk kom ik de ‘echte’ exemplaren dit jaar nog tegen op mijn local patch.