Mijn tweede week verlof stond bijna volledig in het teken van het ringwerk. Vanaf maandag liep mijn wekker om 5 uur af. Snel uit de veren om de netten open te zetten een uur voor zonsopgang. Enkel op donderdag bleef ik wat langer in mijn nest liggen wegens andere verplichtingen. Maar voor de rest was het vroeg uit de veren om elke voormiddag vogels te ringen.
Karekietjestijd
Gelukkig had ik regelmatig hulp van Nicolas, Kristof of Gert. Want bijna elke dag waren er meer dan 100 vogels te ringen. Op die zes dagen werden er 673 geringd of gecontroleerd. Vooral de karekieten bleken goed op dreef. Op dinsdag kon ik mijn dagrecord voor deze soort zelfs nog wat aanscherpen. De te kloppen score staat nu op 75 op één dag. Er waren ook leuke terugmeldingen met kleine karekieten die ergens in Frankrijk, Nederland of Zweden al van een ring werden voorzien door een collega van ginder.

Plus 90
Hoewel ik ze volgens de ongeschreven wetten van het lijstjes maken niet mag meetellen – gevangen vogels tellen niet meer, weet je nog – kwamen er een paar leuke soorten bij op de jaarlijst van mijn local patch. Sprinkhaanzanger, gekraagde roodstaart, boompieper, draaihals en nachtegaal. Vooral met deze laatste scoor ik momenteel goed. Met reeds 7 geringde exemplaren evenaar ik mijn beste jaar 2014. En het ringseizoen is nog niet voorbij. Ook bonte vliegenvangers komen redelijk vlot door. Met 4 geringde exemplaren is dit mijn beste jaar tot nu toe op mijn ringplek. Met wespendief erbij – vandaag trokken er nog twee over mijn tuin – staat mijn jaarlijst op 94 soorten (dat regeltje vergeet ik even). Mijn doel komt in zicht.

Parketvogel
De soort die elke keer weer met de aandacht gaat lopen is zonder twijfel de draaihals. Vorige vrijdag kon ik er twee ringen. Als je hem in je handen hebt doet hij zijn naam alle eer aan. Als afweermiddel draait hij rondjes met zijn nek. Het lijkt wel een slechte imitatie van een slang die uit een mand omhoog komt. Maar het meeste indruk maakt mij met zijn schitterende verenkleed. Het is een legpuzzel van alle tinten bruin en grijs. Dit op zowel zijn vleugels als staart. Een ingewikkelde mozaiek-tekening die een parketlegger tot de waanzin zou drijven. Alles in functie van een perfecte camouflage. Die dan ook werkt, want een draaihals in het veld ontdekken is niet vanzelfsprekend. Hij wordt meestal op een gazon of grindwegje gezien op zoek naar zijn lievelingseten, mieren. Want hem ontdekken in een boom of struik lijkt mij onbegonnen werk. Gelukkig kan ik hem uit mijn net halen en dan van dichtbij even bewonderen. Als een gevederd kunstwerk.

Geweldige waarnemingen en dank voor het te mogen meevolgen op uw blog.
LikeLike