Bonus minus

De voorbije weken stonden vooral in het teken van het ringwerk. Maar toch kwam er een soort bij op mijn Limburgs jaarlijst. Of toch niet?

Nr 202 – Kleine strandloper

Opnieuw was het aan het Schulensmeer te doen. Dit lijkt the place to be te zijn voor de komende periode. Vooral wat betreft steltjes. Want die langpotige waadstertjes zijn momenteel mijn grootste kanshebbers op nieuwe soorten. Dus was het niet verwonderlijk dat ik hier weer kon scoren. Op een zwoele avond reed ik dus richting Halen. Aan het beste vogelplekje van Limburg stond ook Peter Gabriels al door zijn telescoop te turen. Maar hij had die ‘kleine’ nog niet gevonden. Een paar loze vissertjes fungeerden dan ook nog eens als spelbrekers. Zij kwamen met hun rubberbootjes wel heel kort bij de slikeilandjes waar de meeste steltjes zaten. Terwijl ik de boze gedachten van geharpoeneerde vaartuigen of door haaien verslonden vissers uit mijn hoofd zette, zag ik plots een bleke steltloper tussen de vegetatie lopen. Jawel, onze kleine strandloper zat er nog en trok zich helemaal niets aan van de stoute overtreders van het toegankelijkheidsreglement van het Schulens meer. Hij – of zij – liep druk pikkend in de modder tussen de ondertussen bij vogelaars bekende palen. Weer een stap dichter bij mijn einddoel.

Kleine strandloper (archieffoto – Bichterweerd – 2008)

De oplettende volgers van mijn blog zullen opgemerkt hebben dat mijn teller geen stap verder is geraakt. Geen nr. 203, maar weer 202. Geen vergissing, maar een aanpassing van een blijkbaar foute waarneming. De draaihals is van mijn jaarlijst verdwenen. Ik kreeg al een opmerking doorgemaild van geert Beckers dat mijn waarneming van in Averbode Bos en Heide wel heel onwaarschijnlijk leek. Verkeerde biotoop, op het verkeerde moment. Dan kwam ik – jawel, alweer in Schulen – Geert tegen. Hij lichte zijn twijfels toe. Zijn opmerking dat de roep van een draaihals en de alarmroep van een boomvalk – een soort die op die plek veel logischer klinkt – wel heel hard op elkaar lijken en een luistersessie op mijn GSM, deed mij beslissen om deze soort van mijn lijst te schrappen. Effe pijnlijk, maar just is just. Dus eentje er af en eentje er bij.

Sprinkhaanfestijn

Ondertussen is mijn eeuwige keuzestress – ga ik ringen of ga ik vogels kijken – wat gedaald. De reden is een gebrek aan ringen. Bij het KBIN zijn ze blijkbaar in de administratieve mallemolen van de overheid gesukkeld. Een fenomeen dat ik ken en dus begrijp. Administratieve vereenvoudiging, a long way to go. Hierdoor kunnen er voorlopig geen ringen geleverd worden. We moeten het dus doen met wat we hebben. Daarom zakt mijn tempo van ringdagen naar maximaal twee dagen per week. Wat maakt dat ik op heel wat verlofdagen die ik had opgespaard om er volop tegen aan te gaan op mijn ringplek, kan benutten om vogelkes te gaan spotten. ‘Elk nadeel heb ze voordeel’, zei ooit een bekende voetballer.

Sprinkhaanzanger (archieffoto)

Het geeft mij wel een dubbel gevoel, want momenteel draaide mijn ringers-molen – in tegenstelling tot de al eerder vermelde overheidsmolen – op volle toeren. Is het de nieuwe geluidsinstallatie? Het presteren van meer uren op het juiste moment? Of zijn er gewoon meer vogels? Wie zal het zeggen. Met ruim 1.300 geringde vogels zitten we goed op koers om een goed jaar te draaien. Maar ik ben vooral verrast door de hoge aantallen rietvogels. Bijna 500 kleine karekieten met een verpulvering van mijn dagrecord. Maar liefst 128 exemplaren op 9 augustus. Ondertussen al 53 rietzangers (beste jaar tot nu toe was 2020 met 50 stuks), 4 snorren en zo maar eventjes 22 sprinkhaanzangers. Bijna een verdubbeling van jaarrecord tot op heden (12 in 2020). Wat nog ontbreekt zijn een paar – of eentje is al voldoende – grauwe klauwieren. Bij Eddy – in Nerem-Tongeren – vlogen er al vijf in de netten. Duidelijk een soort die in opmars is. Wie weet is er eentje onderweg naar Wellen. Hij is alvast hartelijk welkom.

Nr. 203 Zwarte ruiter

Altijd leuk als een stelling wordt ondersteund door bewijs. Op zaterdagavond – na een dagje balie doen in De Wissen – stond ik alweer aan de oever van het Schulensmeer. Een legerbedje en een popup-tentje zou handig zijn dacht ik even. In Kiewit ligt er zonder twijfel een hele voorraad na de Pukkelpoppers-uittocht. Maar terug naar de vogeltjes. Aan die beestjes was er in Schulen geen gebrek. Het wemelde er van steltjes. Met daartussen een juveniele zwarte ruiter. Het duurde niet heel lang voor ik hem er kon uitpikken. Het inhaalmaneuver was een feit. We staan weer waar we dachten te staan. Twee jagende boomvalken waren een leuke bonus voor ik mijn bedje opzocht.

Zwarte ruiter – Schulensmeer – 16 augustus 2025

Onbekend's avatar

Auteur: Crazy Birder

Gedreven door natuur!

Eén gedachte over “Bonus minus”

Plaats een reactie

NATUURVERSLAVING

De wonderen der natuur op het netvlies van Willem Bosma

Dippyman

A blog about wildlife and well-being, by Paul Brook

Steven Kijkt Vogels

Een (foto)blog over vogels in Nederland

SLAGPEN

Vogels kijken doe je met je oren.

Evolutionary Stories

Funny and remarkable observations in evolutionary research