Kwak.

Als je een vogel hebt kunnen bekijken, zijn kenmerken genoteerd en je wil starten met opzoeken in je vogelgids (die je ondertussen zeker al gekocht hebt). Dan zal je merken dat de vogels daarin in groepen per families staan. Dan zou het handig zijn om te weten bij welke familie de vogel hoort die je net gezien hebt. Dat maakt je speurwerk alvast iets eenvoudiger.

Daarom zal ik wekelijks één van die families aan jullie voorstellen.

Grondelen.

En we beginnen met de eenden. Beter gezegd de grondeleenden. Want zoals je zal merken als je je vogelgids openslaat dat de eenden nog eens zijn opgedeeld in verschillende groepen. En eentje daarvan zijn de grondeleenden. Die… grondelen. Of wat had u gedacht.

Ze zoeken hun voedsel door hun kop onder water te steken of (iets meer moeite) met hun staart omhoog als een soort boei rond te dobberen. Terwijl ze onder water de bodem afzoeken naar voedsel. Dat noemen ze dus grondelen.

12954585

De wilde eend, één van de meest voorkomende grondeleenden (foto Roger Heulsen)

Ringetje.

Eenden zijn niet dadelijk de meest geliefde groep bij de vogelkijkers. Sommigen laten ze zelfs volledig links liggen of drijven in hun geval. Eén van de redenen is dat het niet altijd duidelijk is of het nu een wild exemplaar is of een ontsnapte vluchteling. En die tellen op je lijstje niet mee. Daarom worden zeldzame eenden ook altijd aan een grondige controle onderworpen. Geen kweekring, geen beschadigde veren, geen perk-eendjes-gedrag ? En dan nog blijven er heel wat collega vogelaars twijfelen. Voor mij dus één van de meest onderschatte groepen in vogel-land. Want zeg nu zelf, er zitten toch beauty’s tussen. Het enige lelijke eendje dat ik ken heeft dan ook vier wielen.

12909793

Zomertalingen komen nu terug, dit is toch een schoonheid (foto Bart Verstraete)

Poseren.

Als beginnend vogelaar zijn eenden trouwens dankbare soorten. Ze zitten meestal op een voorspelbare plek. Elke grote plas of vijver heeft wel een voorraadje zitten. Ze blijven vaak lang dobberen. Soms wel met hun kop in de veren als ze een dutje doen. En dan is het even geduld hebben. Dus ideaal om te oefenen op onze methode. Zoek een locatie waar wel wat eendjes ronddobberen. Zet je lekker aan de waterkant en begin te kijken en bekijken. Noteer mooi alle kenmerken die je ziet bij een bepaalde soort. En als dat gedaan is zoek je ze op in je vogelgids. Zo leer je je duikeenden heel snel allemaal kennen.

De mannetjes zal meestal wel vlot gaan. Die zijn op dit moment op hun mooist en pronken met al hun mooie kleuren en sierveren. De dames dat is een ander paar mouwen. Die zijn veel minder opvallend omdat ze binnenkort goed verborgen de eitjes moeten uitbroeden terwijl vader zorgeloos blijft verder pronken. In het najaar wordt het nog iets moeilijker want dan gaan alle eenden in rui. Ze verwisselen hun veren en doen dit zo snel dat ze een tijdje helemaal niet meer kunnen vliegen. En op zo een moment val je best niet te veel op. Dan lijken er plots allemaal wijfjes rond te zwemmen. Dan ze op soort brengen is een hele klus.

12947288

Wijfje wintertaling, iets moeilijker om te determineren (foto Fred Vanwezer)

Jaarlijst.

Dus als je je missie om birdaholic te worden wil verderzetten gaan we op zoek naar grondeleenden. In mijn vogelgids (ANWB) staan er 7 soorten in die iedereen kan spotten. Wilde eend, krakeend, pijlstaart, slobeend, smient, wintertaling en zomertaling. Deze staan zonder twijfel eind dit jaar alle zeven op onze jaarlijst. En wie weet doen we er als bonus nog een Amerikaanse smient of een blauwvleugeltaling bij. Hopelijk dan wel zonder een ringetje.

12955510

Vlucht slobeenden maakt mij ook al blij (foto Marc Tielemans)

België – Nederland 1 – 1

Geen zorgen. Je zit niet op de verkeerde blog. En ik ben ook niet plots overgestapt van birdwatching naar voetbal (hoewel een spannend matchke kan ik ook wel smaken).

Neen, ik ga regelmatig enkele mooie vogelgebieden voorstellen aan jullie. En onder lichte dwang ben ik genoodzaakt om telkens eentje uit België en daarnaast eentje uit Nederland de revue te laten passeren. Want ik heb momenteel meer lezers uit Nederland dan uit mijn eigen platte land (zoals Brel ooit zong). Dat aantal lezers valt trouwens goed mee. Op de 10 dagen dat mijn nieuwe blog bestaat bijna 1.000 hits en al meer dan 50 volgers. Toch een klein beetje fier. Volhouden is nu alvast een stukje makkelijker.

Vijvergebied Midden-Limburg.

visarend3

Deze visarend heb ik zelf ooit gefotografeerd in het vijvergebied.

Waar anders dan in mijn eigen provincie pik ik mijn eerste gebied van hopelijk een hele reeks er uit. In Belgisch Limburg ligt een prachtig natuurgebied. Ten noord-oosten van Hasselt kan je honderden vijvers ontdekken. Ooit uitgegraven door kloosterlingen om vis te kweken en nadien dan ook verder gebruikt door professionele viskwekers die zich in die contreien vestigden. Ondertussen is het via een project van Life voor een groot stuk omgevormd naar natuur. En terecht. Want het is op gebied van water- en rietvogels een paradijsje. Soorten als roerdomp, wouwaap, snor en grote karekiet kan je er vinden. Ook visarend passeert er elk jaar en ze hopen al een tijdje op een paartje dat het gebied goed genoeg zal vinden om er ook eens te broeden.

broedeilanden_platwijers_dsc_3425_0

Foto Natuurenbos.be

Je kan het gebied best verkennen vanaf de parkeerplaats aan de weg Bolderdal te Zonhoven. Daar vlakbij is een spectaculaire en opvallende uitkijktoren waar je vanaf het hoogste platform een deel van het gebied mooi kan overzien. Vanaf de parkeerplaats de andere kant op kom je ook enkele kijkhutten tegen. De eerste en grootste van de twee kijkt uit over een grote vijver. Een locatie met heel grote kans om roerdomp te zien. Maar dan moet je er wel vroeg bij zijn en hopen dat er nog een plekje vrij is. Want deze hut is heel populair bij natuurfotografen.

Meer info : http://www.natuurenbos.be/wijers

Schermafbeelding 2017-03-18 om 16.02.03

Grote Peel.

Dit 3.400 ha grote Nationale Park ligt in Noord-Brabant en bestaat uit 2 delen. De Groote Peel en De Peel. Beiden liggen vlak tegen de provinciegrens met Limburg. Het is de A67-autoweg die beide gebieden in twee splitst.

Groote Peel05a

Het gaat om een veengebied met nog grote stukken heide, veen en vennen. Dit levert prachtige soorten op zoals blauwborst, geoorde fuut (nu zeker een soort die de moeite waard is om te gaan bekijken), boompieper en roodborsttapuitjes. Maar een soort die zeker tot de verbeelding spreekt zijn de kraanvogels. Oktober en november heb je kans om die er te zien. Maar ook deze maand durven ze hier al eens een tussenstop maken. Tijdens de winter heb je hier ook altijd kans op klapekster. En elk jaar zien ze ook doortrekkende roodpootvalken. Dus keuze genoeg.

X-20131226130645733

Schitterende foto van Maurits Martens.

Je kan het gebied best bezoeken vanuit het bezoekerscentrum aan de Moostdijk te Ospel.

Meer info :  www.natuurparkenlimburg.nl/np/de-groote-peel

Schermafbeelding 2017-03-18 om 16.01.02

 

 

Weekend-tip.

Elke vrijdag probeer ik jullie een tip te geven waar je wat mag verwachten. Vogels zitten overal en duiken op elk moment van het jaar op. Maar als je weet op welk moment je waar moet zijn dan is de kans groot dat je meer en leukere soorten gaat zien.

Planning.

Daarom is je weekend (of elke uitstap die je gaat doen) plannen geen slechte keuze. Je zal op verschillende websites kunnen zien wat waar wordt gezien. Waarneming.nl  of waarnemingen.be zijn echte aanraders. En als je begint met vogels kijken moet je niet enkel de “rode” soorten bekijken (zeldzame soorten worden op die websites in het rood gezet). Het is namelijk verleidelijk om dadelijk naar die speciallekes te gaan zoeken. Maar probeer ook die “gewone” soorten te spotten. Bekijk eerst welke soorten veel worden gezien en waar. Een gebied in jouw buurt ? Dan plan je toch een trip naar daar. Maar je kan ook even bekijken welke soorten ze zien en in welke biotoop die rondvliegen. En dan is het de kunst om een soortgelijke biotoop in jouw buurt te vinden. Zo leer je veel gebieden kennen. En ga je op korte tijd ook heel wat soorten ontdekken. De jacht is leuker dan het schot zeggen ze in jachtmiddens. Bij vogels kijken is dat ook het geval. Alles plannen, dan die soort zoeken om ze dan met een scheutje adrenaline (hopelijk) te zien.

31364161702_101decabf8

Tjiftjaffen zijn al even terug.

I’ll be back.

Momenteel druppelen heel wat soorten terug ons landje (en ook Nederland) binnen. Zo hoor ik sinds een week overal het ietwat eentonige liedje van de tjiftjaf. Deze Afrika-ganger is meestal één van de eerste trekvogels die hun broedgebied hier terug opzoeken. Als je regelmatig het veld in trekt dan ga je ze één voor één opmerken. Eerst langzaam aan en plots met horden tegelijk. Het leuke is dat je nu dan ook soort per soort kan leren kennen. Hun geluid, uitzicht en gedrag. Iets makkelijker dan als er plots heel veel gelijk zitten te kwinkelieren en rond te hoppen in de takken. En je hebt voorlopig nog het voordeel dat de bomen nog vrij kaal zijn. Ze nu ontdekken in een boom of struik valt dan nog mee.

Er zijn trouwens heel wat soorten op komst. Zo mag je de komende weken de eerste steltlopers verwachten. Een mega-leuke periode waar je je notitieboekje zeker bij de hand moet houden. Want je zal heel wat kansen krijgen om te oefenen met het herkennen van soorten. Let op, want dit zijn niet de makkelijkste vogels om te herkennen. Een aantal lijkt op elkaar en sommige zitten nog deels in hun winterkleed. Een stevige uitdaging.

Eentje is al terug. Onze kievit. Ze zwieren lustig over de akkers en weides met hun kenmerkende roep. Dus bezoek zeker nu een akker- of weidegebied in jouw buurt. En de kans is groot dat je deze rakkers kan aankruisen op je jaarlijst. En als extra bonus probeer je de vrouwtjes en de mannetjes maar eens apart te determineren. Leg die lat maar iets hoger.

33224761962_5a3ba83ba7

 

 

We houden de kop er even bij.

We hadden het al over de topografie van de vogel. Waarom is dat toch de moeite om dit onder de knie te krijgen ? Wel, omdat als je allemaal het zelfde woord gebruikt voor hetzelfde deel van die vogel is het iets makkelijker. Als ik jou vertel dat ik een vogel gezien heb waarvan de pluimpjes boven de staart wit waren. Dan is het misschien niet helemaal duidelijk welke pluimpjes ik nou juist bedoel. Maar als we het hebben over de stuit. En jij weet waar die stuit zit. Dan zijn we al een heel stuk verder. En in de vogelgids spreken ze ook over de stuit en niet over die pluimpjes boven de staart. Dus dat is dan ook alvast duidelijk.

Strepen.

We gaan het deze keer hebben over de kop van onze vogels. Want daar is heel wat over te vertellen. Want heel wat vogels hebben blijkbaar dit deel uitgekozen om hun uitzicht wat te verfraaien. En dat doen ze vaak met heel wat strepen. En elke streep heeft een naam.

topokop

Zucht ? Heel wat onder jullie die al lang hun achterwerk niet meer op een schoolbank hebben geplaatst hebben nu denkelijk flashbacks en de aanzet tot nachtmerries over dagen  achter studieboeken zitten om termen vanbuiten te leren.

Geen paniek. Mijn vroegere tip om in je vogelgids die tekeningen regelmatig eens te bekijken en alle termen even te overlopen gaat zeker helpen. En wat die strepen betreft is het echt niet zo moeilijk. Je moet gewoon naar je eigen gezicht kijken. De kruinstreep zit op je kruin. De wenkbrauwstreep (die op de tekening niet is aangeduid) zit vlak boven het oog net als onze wenkbrauwen. Het bladkoninkje op de foto boven het artikel laat dit mooi zien. De oogstreep loopt als het ware door het oog. De snorstreep zit iets lager, vlak onder de oogstreep. De mondstreep zit daar vlak onder. En de baardstreep zit het laagst.

1890688-94504b7efb4aea7e9b57d73dd9169c93

Slechtvalk heeft een duidelijke baardstreep.

Bij de oogring en de oogringbevedering is het ook niet zo moeilijk. Het woord zegt het zelf. De oogring is de ring rond het oog. En de oogringbevedering zijn de veertjes die rond die ring zitten. De oordekveren zitten vlak achter en onder het oog. Dit is ook de plek waar het oor zit van een vogel. Die hebben geen grote flappers zoals ons, maar een gaatje achter het oog. De kin zit vlak onder de snavel. En de teugel tenslotte is de zone tussen de basis van de snavel en het oog. Voila, elke week dit eens bekijken in je vogelgids en je zal deze termen snel in jouw koppeke hebben zitten.

maxresdefault

Vuurgoudhaan, de ideale kop om op te oefenen. Met een kruinstreep, zijkruinstreep, wenkbrauwstreep, oogstreep, teugel, oogring, oordekveren, kin, snorstreep en mondstreep. Bekijk eens welk deel welke kleur heeft. Als je die juist hebt dan heb je alvast een streepje voor.

 

Kom wat dichter, dichter, dichter, dichterbij.

Na de verrekijker is de kans groot dat je ook op zoek gaat naar een telescoop. Niet, zoals velen bij het horen van dat woord denken, eentje om naar de sterren te turen. Want dat zou enerzijds een heel zware opdracht zijn om die mee te nemen in het veld. En anderzijds zou het ons doel letterlijk voorbij lopen. Want we spreken van een ding dat het beeld tussen de 20x en 60x vergroot. Een sterrenkijker doet daar nog wat cijfertjes bij denk ik.

Details.

Is dat wel nodig ? In heel wat omstandigheden zeker. Vanaf de rand van een plas alle dobberende verenbolletjes afkijken lukt iets beter met een telescoop dan met een verrekijker. Zelfde verhaal bij een groep van honderden steltlopers op een zandplaat vlak voor de kust. Maar het hoeft niet altijd te zijn omdat de vogels heel ver zitten en we er niet echt naartoe kunnen lopen. Details maken vaak het grote verschil bij het bepalen van de soort die je nu zit te bekijken. En als je dan een vogel door een telescoop kan bekijken dan is elk veertje zichtbaar. En dan kan je net dat veertje bekijken dat het verschil maakt tussen die ene of die andere soort.

wilde-zwaan-cygnus-cygnus-3

Wilde of kleine zwaan ? Het zit in de snavel.

Weerom testen ?

Voor de aankoop van een telescoop zijn de aanbevelingen net hetzelfde als bij een verrekijker. En misschien moet je hier zelfs nog iets kritischer zijn want de investering is nog een stukje groter dan bij de aankoop van een verrekijker.

Dus naar een winkel waar je kan kiezen uit een heleboel merken en modellen. Liefst bij donkerder weer. Testen, testen en nog eens testen voor je beslist. En een bijkomende tip. Als je iemand tegenkomt met een telescoop. Vraag eens heel beleefd of je er eens door mag piepen. En de kans is groot dat hij jou dan vanzelf wat info en tips geeft over zijn telescoop.

Beslis ook of je gaat voor een vaste lens of een zoomlens. Want bij de meeste telescopen kan je die apart aanschaffen. Zelf ben ik een echte zoomer en ga ik bij elk vogeltje dat ik zie proberen het beeld zo groot mogelijk te krijgen om zo alle details mooi te kunnen bekijken. Je zal verbaasd zijn van wat je dan allemaal plots gaat opmerken.

huismus2011-03-23_1621

Mannetje huismus in detail. Toch de moeite, niet ?

En we kijken nog even verder.

We weten ondertussen dat om al die vogels op onze harde schijf te krijgen we veel moeten kijken, noteren, opzoeken en controleren. Maar vooral veel kijken. En dan is een hulpmiddel handig. Want vogels hebben de onhebbelijke gewoonte om te gaan vliegen als je er te dicht bijkomt. Dus gaan wij ze dichterbij halen met een verrekijker.

Technische nitwit.

Ik ga hier geen ellenlange technische uitleg geven hoe een verrekijker nu werkt. En wat de specificaties zijn van lenzen, gevolgen van brekende lichtinval of nadelen van zoomende onderdelen. En dit omdat ik er niet veel van ken (mijn vrienden lachen zich een kriek als ze mijn uitleg zouden lezen). Maar ook omdat je op het internet meer websites kan vinden die over verrekijkers hun mening geven dan er zijn over vogels kijken. Ik ga hier wel een aantal tips geven waar je op moet letten als je je nog een verrekijker wil aanschaffen. En hoe je dit best aanpakt.

Cijfertjes.

Toch een beperkte technische uitleg. En dit over de cijfertjes die je op elke verrekijker kan aflezen. Op die van mij staat 8 x 42. Dit is geen rekenoefening voor beginners. Maar wel een aanduiding welke vergroting en hoe lichtsterk je kijker is.

Het eerste getal duidt op de vergroting van het onderwerp waarnaar je kijkt. In dit geval dus 8x. Het tweede cijfertje is de doormeter van de voorste (en grootste) lens van je verrekijker in millimeters. Bij mijn verrekijker dus 42mm. Dus hoe groter het eerste getal hoe groter je het onderwerp gaat zien of hoe dichterbij je het kan bekijken. En hoe groter het tweede getal hoe meer licht er binnen komt en hoe helderder je je onderwerp gaat zien. En bij donker weer of bij invallende duisternis hoe langer je kan kijken. Dus denk je, simpel. Ik koop mij een verrekijker met een vergroting van 12x en een lens met een doormeter van 80mm. Dan ga je je onderwerp heel dichtbij kunnen halen en kan je zelfs bij heel weinig licht noch kijken. Inderdaad, maar één detail, je zal wel een kruiwagen moeten meenemen op je vogeltochten want zo een ding gaat kilo’s zwaar zijn.

Een goede regel is dat voor een goede verrekijker om naar vogeltjes te kijken de uitkomst van een deling van het getal van de doormeter van de lens (42) door de vergroting (8) ongeveer op 5 moet uitkomen (hier dus 5,25). En dat een vergroting van 8x of 10x zeker voldoende is. Daarmee beperk je de keuze tussen een massa modellen van verrekijkers al een beetje.

kinderen-speurtocht

Testen.

Welke verrekijker en welk merk is nu het beste ? Daar kan ik je jammer genoeg niet zomaar een antwoord op geven. Dit is voor iedereen anders. Niet iedereen rijdt met de duurste auto en er zijn massa’s modellen. En iedereen heeft wel zijn redenen om voor dit of dat model te kiezen. Gebruiksgemak is een belangrijke factor. Want je gaat dat ding vaak meesleuren en gebruiken (dat is toch de bedoeling hoop ik). Daarom een aantal tips als je tot een aanschaf over gaat.

Eerste tip. Ga naar een winkel die je een hele reeks aan modellen kan aanbieden. En neem ruim de tijd om er een groot aantal te testen. Niet alleen naar beeld, maar ook naar het feit of die verrekijker goed in de hand ligt en voor jou aangenaam aanvoelt als je hem gebruikt.

Tweede tip : leg vooraf vast wat je budget is. Want anders is de kans groot dat je je laat verleiden om een duurder model te kopen. Want bij verrekijkers is het zo dat de duurdere modellen (en dan bedoel ik de echt hogere prijsklasse van meer dan 2.000 €) ook de beste zijn.

Derde tip : ga niet op een zonnige dag met een wolkeloze hemel. Maar kies een druilerige, donkere dag uit. Ga dan de verschillende modellen buiten testen. En als ze dan bij dat minder geschikte weer een goed beeld geven. Dan zullen ze dat bij helder en zonnig weer zeker doen. Omgekeerd kan het wel eens tegenvallen.

Vierde tip : Misschien kan je toch best, als blijkt dat je toch boven je budget gaat uitkomen je aankoop uitstellen en nog wat extra centjes sparen. Inplaats van een kijker te kopen die niet echt aan je verwachtingen voldoet. Want dan is de kans groot dat je net als ik na een aantal jaren een hele reeks kijkers in je kast hebt staan. En je dan toch uiteindelijk rondloopt met de duurste, maar voor jou beste verrekijker. Een goede (en vaak ook duurdere) kijker geeft een rustiger beeld wat dan weer goed is voor je ogen. En misschien is dat toch wel belangrijk. Want eenmaal birdaholic dan ga je heel vaak door die verrekijker zitten turen. Héééél vaak.

m1fwd04i0wuz-768x512

 

 

 

Dat zoeken we even op.

Een legendarische  uitspraak uit de bekende Nederlandse kwis 2 voor 12. En wij gaan dat ook effectief doen. Opzoeken. Na stap 1 kijken en bekijken, stap 2 noteren al wat we zien gaan we nu over naar stap 3. We zoeken het op.

Pas als de vogel gevlogen is gaan we met onze notities aan het werk. En waar gaan we dat opzoeken ? Niet op internet. Want dat is veel te uitgebreid en niet echt systematisch. En met een computer rondhossen in het veld is ook niet echt praktisch. Neen, we doen dat in een goede vogelgids.

Koopwijzer.

Maar wat is een goede vogelgids. Wel, die moet aan een aantal voorwaarden voldoen. De soorten moeten netjes en systematisch gegroepeerd staan. Niet per kleur of per leefgebied. Maar per familie. De mezen bij de mezen, de lijsters bij de lijsters, de valken bij de valken (alleen de wielewaal blijft in zijn eentje achter). De vogels moeten afgebeeld worden op tekeningen die alle kenmerken mooi laten zien. Het zijn trouwens echte kunstwerkjes in die boeken. Je moet ze eigenlijk eens wat beter bekijken als je tijd hebt. Dus boeken met foto’s zijn not done. En de verklarende tekst moet duidelijk en aanvullend zijn bij de tekeningen.

Als je deze kenmerken op een rijtje zet kom je automatisch uit bij een select groepje van goede vogelgidsen.

Schermafbeelding 2017-03-13 om 19.25.57

Er zijn er wel meer. Maar dit zijn de bijbels voor elke vogelkijker. Momenteel is de ANWB gids de beste keuze. En zorg dat je de laatste versie hebt waarin de allerlaatste aanvullingen staan van bepaalde soorten. Zelf heb ik er ondertussen een tiental in mijn boekenkast staan. Waarvan degene die ik gebruik met tape aan elkaar hangen. Want dit is geen sofa-literatuur. Neen, deze gaan mee in het veld. En zien er na een paar jaar dan ook niet meer uit.

Doolhof.

In het begin zal je heel veel bladeren in je boek. Een vriend van mij zweert met de blader-door-je-ganse-boek-methode en past deze nu nog toe. Eenmaal een soort gezien en alles genoteerd dan gaat hij van bladzijde 1 tot (soms) de allerlaatste bladzijde alle plaatjes bekijken tot hij een soort tegenkomt die er wel eens op lijkt. Hij komt er telkens wel uit. Maar het vraagt toch heel wat tijd. Beter is om de families te leren kennen om zo dat bepaalde lid van die familie te kunnen vinden. zo spaar je snel al heel wat tijd uit in de zoekopdracht.

ANWB_Vogelgids_van_Europa_1

Hier zaten we bij de grasmussen.

Controle.

Eenmaal als je denkt de juiste soort te hebben gevonden dan is het tijd om alles nog eens te controleren. Dit gebeurt veel te weinig en zo worden er vaak vergissingen gemaakt. Je overloopt al je notities nog even en checkt of ze allemaal kloppen met dat plaatje in je vogelgids.

En dan is het werk nog niet gedaan. Want naast die tekening staat er ook een tekst over de vogel die je gezien hebt. Ook die ga je dan lezen en nakijken of dat allemaal wel klopt. Zo kan je dan plots vaststellen dat die soort die jij denkt dat je zag enkel in de winter hier voorkomt. En jij staat te bakken in een heet augustus-zonnetje. Of je leest dat een oeverpieper meestal aan de kust wordt gezien. En jij staat aan een vijver in Limburg op enkele honderden kilometers van het zandstrand in Oostende. Maar klopt alles dan ben je ook helemaal zeker welke soort je nu wel hebt gezien. En na al die stappen en moeite blijft alle info weer wat vaster op jouw harde schijf kleven. Dat is toch de bedoeling, nietwaar ?

En een laatste tip bij dit onderwerp. Heel soms duikt een soort plots op wanneer dat eigenlijk niet kan op een plek waar ze hem eigenlijk nooit hadden verwacht. Vogels kijken is geen exacte wetenschap en dat maakt het nog een stukje boeiender.

collins-bird-guide

Onze eerste investering.

Als je aan 100 mensen vraagt wat je nodig hebt om vogels te gaan spotten. Dan zal 95% antwoorden een verrekijker. Ook een belangrijk instrument natuurlijk. Maar dit is niet onze eerste aankoop. Deze is iets bescheidener en veel goedkoper. Een notitieboekje en een potlood van samen nog geen 2€.

Want dat is als beginnend vogelkijker een broodnodig accessoire. Waarom een  potlood ? Simpel, bij vochtig weer (en dat kom je in onze contreien wel eens tegen) dan schrijft een potlood altijd en een balpen durft dan al eens tegenwerken. Maar waarom is dit de eerste investering die we moeten doen ?

Rubens hoeft niet.

Als we onze KNOC-methode trouw blijven dan is noteren een belangrijke factor. Je ziet een vogel en dan begint je opdracht. Kijken, correctie bekijken, en alles noteren wat je ziet. Zo lang mogelijk en zo veel details als je maar kan waarnemen. Best start je ook met een tekening. Nu moet dat zeker geen kunstwerk zijn. Als je mijn tekeningen ziet in mijn notitieschriftje dat ik meeneem dan zal menig kleuter die net zijn eerste schooldag er op heeft zitten deze met een glimlach bekijken en denken “dat kan ik toch al beter”. Neen, een schets waarvan je kan zien dat het denkelijk een vogel is is voldoende (bij mij zijn er zelfs bij waar dat niet zo is). En daar ga je met pijltjes en lijntjes alle kenmerken bij noteren. Dat gaat stukken sneller dan alles uitschrijven. Andere dingen zoals gedrag, omgeving waar de vogel zit, geluid (daar krijg je nog een apart stukje hoe je dat moet noteren) kan je rond je tekening schrijven. En pas als de vogel gaat vliegen stop je met noteren.

jessie_barry_notes

Een kunstigere werk van notities nemen dat ik vond op internet.

Wat je schrijft blijft.

Door dit te doen ga je sneller dingen onthouden. Komt de info sneller op je harde schijf. Sommige fotografen denken nu. Waarom al dat teken en schrijfwerk ? Met één klik op mijn toestel heb ik alles mooi op beeld en kan ik het erna rustig bekijken. Inderdaad, foto’s kunnen zeker aanvullend dienen als materiaal om de vogel op naam te brengen. En tegenwoordig is een foto meestal een bewijs dat je die of die soort gezien hebt. Maar bij het nemen van de foto bekijk je de vogel niet echt. Ik spreek uit eigen ervaring. Je bent veel meer bezig met het maken van een goede foto en let zeker niet op details of andere dingen. Dit is de reden waarom ik al mijn fotomateriaal heb verkocht en terug met verrekijker en telescoop het veld intrek.

Wie vogels wil leren herkennen moet de discipline kweken om ze goed te bekijken. En na een tijd moet je bij heel wat soorten al die notities niet meer nemen want… Inderdaad, ze staan dan op jouw harde schijf. De soorten die dan in je notitieboekje komen zijn meestal iets zeldzamer. Maar dat boekje thuis laten ? Neen, dat mag je nooit doen.

TuB Note taking IV_article

Begin bij je achterdeur.

Waar ga je best naar vogels kijken ? Het antwoord is heel simpel. Overal. Want vogels zitten ook werkelijk overal. In natuurgebieden, aan de kust, in de steden, op industrieterreinen, op sportvelden en zo kan ik nog een tijdje doorgaan. En, en dat is heel leuk, ook in jouw eigen tuin.

En daar zou ik beginnen als je je soorten nog moet leren kennen. Want dit heeft toch wel wat voordelen. Eén, je hoeft niet ver te gaan en kan op elk moment je soorten gaan bekijken en zo opslaan op je harde schijf. Twee die soorten komen vaak terug zodat je bij een misser nog een tweede kans krijgt. Drie als het te koud is ga je lekker achter het raam zitten. Een schuilhut met grote luxe.

Opbouwen.

En het is misschien goed om te starten met vogels die je nog al eens gezien hebt. En waarvan je er al een aantal kent. Beginnen met de “gewone” soorten is trouwens zeker een aanrader. Als je die onder de knie hebt dan zal je bij het zien van een nieuwe soort zeggen “hé, die ken ik nog niet”. Dus leg een papier op de vensterbank en zet er je verrekijker langs. En probeer deze week eens een lijstje te maken van al de soorten die in je tuin zitten. Je zal verbaasd zijn hoeveel verschillende dat zijn.

ringmus 02-01-2009

Ken je al die soorten nog niet ? Dan leg je er je vogelgids ook bij. Hoe je die soorten kan herkennen ? Door ze te bekijken. Als je een vogel ziet blijf je zo lang mogelijk kijken en noteer je alles wat je ziet heel nauwkeurig. Laat je vogelgids maar liggen. Dat is voor later. Eenmaal als je alle kenmerken hebt opgeschreven (of als de vogel is gaan vliegen) dan pas halen we de vogelgids erbij. Als je de familie weet waartoe je vogel behoort dan ben je al een stukje verder. Dan ga je op zoek naar de vogel die je denkt gezien te hebben. Gevonden ? Dan ga je alles nog eens controleren. Overloop alles wat je opgeschreven hebt nog eens met wat er in de vogelgids staat. Niet enkel de tekening, maar ook de tekst. Je zal verbaasd zijn hoe snel je op die manier vogels gaat leren herkennen. En als je eentje mis hebt of niet kan vinden. Niet erg. Dat zal nog wel vaker gebeuren. Maar hoe langer, hoe minder. Zeker als je goed blijft oefenen.

Tuinlijst.

Tegen volgende week heeft iedereen een lijstje met vogels die hij of zij in de tuin heeft gezien. Je bent dan begonnen met je eerste lijstje. Je eigen tuinlijst. Vaak met heel wat “gewone” soorten als die al bestaan in de prachtige wereld van de vogels. En let op, want ook zeldzame dwaalgasten durven al eens in een tuin neerstrijken. Wat gedacht van deze roodkeelnachtegaal die vorig jaar in Nederland een massa vogelkijkers naar een tuintje in Hoogwoud deed snellen. Ze blijven onvoorspelbaar.

fotoid13477

 

 

Vul je harde schijf.

Heel vaak als ik met vrienden op pad ben die niet zo veel met vogels bezig zijn als mijzelf krijg ik gegarandeerd de vraag “hoe ken jij toch al die vogels ?”. En dat meestal nadat er eentje over ons is gevlogen en ik dadelijk met een naam op de proppen kom voor die voorbijvliegende flits.

Heel veel mensen denken dat dit een krachttoer is met de allures van een illusionist die telefoontjes krijgt vanuit Las Vegas om zijn onwerkelijke kunsten te gaan opvoeren. Maar niets is minder waar. Iedereen met een stel hersenen (en dat is toch gelukkig nog de meerderheid van de bevolking) kan dezelfde prestatie leveren. Niet dadelijk, vanuit het niets. Maar door zich te focussen op een onderwerp.

Goal.

Mijn neefje van twaalf kan tijdens een voetbalwedstrijd op TV tussen twee ploegen waar ik het bestaan nog niet eens van wist alle spelers met naam en voornaam benoemen. Hoe hij dat doet ? Omdat hij zich enorm interesseert in de sport voetbal en hij al deze spelers heeft bestudeerd en nu al hun uiterlijke kenmerken, speelstijlen en de manier hoe ze hun goal vieren heeft opgeslagen op zijn harde schijf. Ofwel zijn hersenen zoals mijn dokter dat ook noemt. Zo zullen heel wat lezers de man op de foto bovenaan dit artikel denkelijk wel herkennen. Waarom ? Hij zit om heel wat harde schijven. En blijkbaar ook die van jou.

148357835635

Messi, dat lukt nog net voor mij.

En in het dagelijkse leven doen wij niet anders. Als we een bekende tegenkomen moeten we ook niet eerst een naslagwerk bovenhalen of onze foto’s op onze smartphone overlopen om te weten wie dat nu is. Mensen die we kennen staan ook op onze harde schijf. En op het moment dat we ze tegenkomen gaat je brein al die info razendsnel overlopen en na het checken van alle kenmerken ons doorgeven wie we nu zien.

Map vogels.

Het verschil tussen mij en mijn niet-zo-vaak-vogelkijkende vrienden is dat op mijn harde schijf een map staat met daarin al de kenmerken van heel wat vogels. En als ik er eentje zie voorbij vliegen dan gaat mijn brein even in die map kijken. En vaak zit die soort er dan al in. Bij een beginnend vogelkijker zit er nog niet zo veel in die map. Maar als die map er al is dan ben je alvast op de goede weg.

En je zal merken dat als je eenmal bewust die map gaat beginnen vullen je heel snel vogels gaat leren herkennen. Je moet alleen de juiste methode kennen waarmee je snel en efficiënt je harde schijf kan voorzien van vogeltjes-info. Maar daarover later meer.

roodborst0001-2

Deze zit op de meeste mensen hun harde schijf. Roodborst.

aasgier0001-3

Deze denkelijk iets minder. Aasgier.

NATUURVERSLAVING

De wonderen der natuur op het netvlies van Willem Bosma

Dippyman

A blog about wildlife and well-being, by Paul Brook

Steven Kijkt Vogels

Een (foto)blog over vogels in Nederland

SLAGPEN

Vogels kijken doe je met je oren.

Evolutionary Stories

Funny and remarkable observations in evolutionary research