Alweer een lang weekend. De maand mei is op dat gebied een gulle gever. Het is eigenlijk voor mij een omgekeerde week. Twee dagen werken en vijf dagen thuis. Veel kansen om vogelkes te gaan kijken. Met succes trouwens.
Nr. 190 – Matkop
Op woensdagmorgen bracht ik een bezoek aan Bergerven in Dilsen-Stokkem. Hopend op kruisbekken, maar die lieten zich niet zien. Dus reed ik door naar het Munsterbos waar al een aantal keer een matkop werd ingegeven. Vorige bezoeken bleven matkoploos. Deze keer had ik meer geluk. Want vlak langs het wandelpad kon ik deze – ondertussen zeldzaam geworden – mees mooi bekijken. Toen ze het bos invloog was ze nog zo vriendelijk om haar kenmerkende kermis-trompetjes-roepje te laten horen. Peuut-peuut.

Nr. 191 – Oehoe
Wouter had al eerder in de week laten weten dat de pulli van een oehoe, waar wij de broedplek van wisten, zich mooi lieten zien. Dus gingen we op woensdagavond met ons groepje een poging wagen om zijn prestatie te evenaren. Met succes. Niet enkel twee pulli lieten zich even bekijken. Maar de aanvliegende oudervogel was het topmoment van deze observatie.
De dag nadien konden we opnieuw een oehoe aanschouwen. Twee keer prijs in twee dagen. Mijn geluk kon niet op. Deze zat midden in het stadscentrum van Maaseik. Geheimhouding is hier niet echt nodig. Enerzijds omdat heel vogelkijkend Limburg weet waarover ik het heb, anderzijds omdat daar meer dan genoeg sociale controle is en de broedplek goed afgesloten is. Na wat zoeken vond Gert – wie anders – een adulte vogel in een boom langs het pad. Deze liet zich mooi bekijken. Wij tuurden naar hem en hij bekeek ons met strenge blik. Een ware staarwedstrijd.

Nieuwe Belg (# 312) – Noordse nachtegaal
De reden om ’s avonds met de vier ‘bird-ketiers’ – ik weet het, een flauwe woordspeling, maar ze zit al langer in mijn koppeke, mijn excuses- op pad te gaan was eigenlijk een ander vogeltje. In een piepklein natuurgebiedje in Lier had een buurtbewoonster een luid zingend beestje ontdekt en het geluidsopname opgestuurd naar iemand van Natuurpunt. Die had dadelijk door dat er daar een Noordse nachtegaal zat van katoen te geven. Het signaal voor heel wat vogelkijkers om hun GPS in te stellen op ‘Overstromingsgebied Plaslaar’. Zo ook onze bende. Na een succesvol bezoek aan de oehoe, reden wij dus richting het Antwerpse. Terwijl we daar uit de wagen stapten, kregen we al een voorsmaakje van de geweldige zang van deze Noordse tegenhanger van onze nachtegaal. Een zangtalent dat op het Eurovisie-songfestival zonder twijfel met heel veel punten zou beloond worden. Hoewel, hij ziet er voor dit uit de hand gelopen rariteitenkabinet misschien wat te sober uit. Zien was overigens niet aan de orde. Deze dwaalgast bleef netjes verscholen in de wilgenbosjes. Maar horen, dat lukte zelfs zonder hoorapparaat. Wat een volume!
Nr. 192 – Steenloper
Mijn geluk was blijkbaar nog niet helemaal opgebruikt. Donderdagmorgen gingen we met drie van ons viertal opnieuw op pad. Pierre moest verstek geven. Deze keer richting Kessenich. Daar waren de dag voordien een steenloper en een drieteenstrandloper gezien. Hopelijk waren ze er blijven overnachten. Eentje bleek dat gedaan te hebben: de steenloper. Hij was druk op zoek naar zijn ontbijt aan de waterkant. Zich totaal niets aantrekkend van die drie rare wezens die naar hem zaten te staren. Een kustvogel die even een tripje maakte naar het binnenland. Ik was er alvast heel blij mee.

Nieuwe Belg (#313) en nr. 193 – Dwergstern
Samen met Gert en Pierre reed ik op vrijdagmorgen richting Averbode. Dit schitterende natuurgebied was ons doel. Met een leuke daglijst waarop een boomvalk – mooi in zit -, wespendief en raaf mochten ingevuld worden, was het een mooi bezoek. Tijdens het nuttigen van een ijsje in de lekdreef – wij koppelen graag het aangename aan het aangename – zagen wij de melding van twee sternen-soorten in Schulen. Hoewel de waarnemingen van ’s morgens waren besloten we toch nog een omwegje te maken langs het Schulensbroek. Een goede keuze, want beide sternen waren nog aanwezig. Eerst kreeg ik de dwergstern in beeld. Niet enkel een streepje extra op mijn Limburgse jaarlijst, maar blijkbaar ook een soort die ik tot op heden nog niet in België had gezien. Een ware schaamsoort die ik nu kan afvinken.

Nr. 194 – Grote stern
Maar het bleef niet bij deze kleine rakker. Zijn grotere broer bleek ook nog op post. Tussen enkele visdiefjes en kokmeeuwen zat deze kustbewoner zich uitgebreid te poetsen. Terwijl dwergstern wel vaker opduikt in het binnenland – letterlijk en figuurlijk – doet de grote stern dat veel minder. De sternen-versie van mini en maxi samen is dan ook helemaal crazy.

Zaterdag ging ik samen met Pierre richting Voerstreek. Doelsoort was taigaboomkruiper. Eentje die ontbreekt om mijn Belgische en dus uiteraard ook op mijn Limburgse jaarlijst. Maar die vinden is geen makkelijke opdracht. Een tegen een boom kruipende naald in een hooiberg van prachtige bossen. En prachtig zijn ze. De Voerstreek is gewoonweg een pareltje. Eigenlijk jammer dat het door vogelkijkers een beetje ‘vergeten’ wordt. Bij het vertrek van onze wandeling konden we nog genieten van een mooie kolonie huiszwaluwen. Onder het poorthuis van een oude hoeve. Dat was al even geleden dat ik dat nog gezien had. Meerdere pulli zaten al klaar om uit te vliegen en kwamen aan de opening van de nesten piepen.
Met middelste bonte specht, grauwe vliegenvanger, glanskop en een enthousiast zingende fluiter sloten wij de meimaand af. Die taigaboomkruiper zal voor een volgende keer zijn.

Zondag was het even wachten wat de weergoden van plan waren. Ze bleken met het juiste been uit bed gestapt te zijn. Dus reed ik toch nog eens richting de Maaskant. Terwijl half vogelkijkend Vlaanderen in de ban was van een rondzwevende steppearend, ging ik op zoek naar mijn ‘eigen’ vliegende deur: de zeearend. Methode werd ‘wait and see’. Dus zat ik – buiten een korte wandeling – een paar uurtjes op een bankje aan de oever van de plas. Het werd heel veel ‘waiten’ en geen arend te ‘seen’. Buiten een verre kanshebber. Maar die kon ik niet lang genoeg in beeld krijgen om hem met zekerheid op mijn lijstje te krijgen. Kritisch blijven is de boodschap. Gelukkig waren er heel wat vogels die zich wel goed lieten bekijken. Ze stellen nooit teleur.

Altijd top, jouw stukjes!
We lezen hen steeds met heel veel plezier.
Groetjes, ook aan Gert
Jeanne en Eric
LikeLike
Doe ik.
LikeLike