Een van de projecten waar ik mij dit jaar voor opgaf was PTT. Dit staat voor Punt Transect Telling. Het reeksje woorden zegt perfect waar het over gaat. Je telt tijdens een vast traject dat je afloopt op 20 punten gedurende 5 minuten alle vogels die je ziet. Het is een winterproject. Je moet je telling tussen 15 december en 15 januari uitvoeren. Doel is om een zicht te krijgen op trends of evolutie van soorten die in ons landje de winter doorbrengen.
Hoe begin je er aan?
Bij Sovon – onze Nederlandse buren – wordt Dit project het fietsrondje voor de wetenschap genoemd. Want je kan dit inderdaad ook met de fiets afwerken. Zelf deed ik het te voet en was ik toch ruim vier uur onderweg. Het tellen alleen al neemt 20 keer 5 minuten ofwel 1 uur en 40 minuten in beslag. De punten moeten ook minstens 500m uit elkaar liggen of in dichtere biotopen zoals bos 250m. Je hebt na deze telling dus al gauw 10 kilometer in de benen. Een nuttige en ook nog eens gezonde bezigheid. Ik ben alvast fan.

Om zelf aan de slag te gaan selecteer je een route. Een goed idee is om punten van het ABV – Algemene Broedvogels, waar je later nog info over krijgt – of een bestaande wandelroute te kiezen. Want het is de bedoeling om een zo goed mogelijke doorsnee van de aanwezige biotopen van het gebied waar je gaat tellen te selecteren. Zelf ga ik daar een beetje in de fout, omdat ik al mijn tellingen in het natuurgebied heb gelegd. Maar ik wilde dan ook graag een zicht krijgen op de soorten die er komen overwinteren.
Zodra je je route kent ga je best ter plaatse om de punten uit te zetten. Op geopunt kan je de afstanden – thuis op je computer – tussen de punten goed afmeten. zodat ze zeker niet te dicht bij elkaar liggen. Was even puzzelen, maar het is bij mij toch gelukt. (https://www.geopunt.be/). Daarna maak je op waarnemingen.be je telgebied aan. Goed opletten dat alle punten er netjes binnen liggen. Vanuit Natuurpunt-Studie raden ze aan om te kiezen voor een rechthoekig gebied. De reden ontgaat mij een beetje. Makkelijkste manier om te selecteren misschien?
Puntjes tellen
Daarna kan je aan de slag. Ik gaf mijn telling in via ObsMap. Vrij simpel. aangekomen op het punt klik je in het menu op ‘route/punttelling’. Vervolgens op ‘start punttelling’. Dan klik je ‘gebruik timer’ aan en zet dat op 5 minuten. En je kan beginnen tellen. Zelf ga ik dan terug naar het hoofdmenu waar ik de app op ‘spraak’ zet. Dan kan je de soorten inspreken. Zo verlies je geen tijd of je aandacht omdat je je waarnemingen moet intikken. Als de telling voltooid is krijg je een signaal. Maar dan kan je nog meer details ingeven. Aantal vogels in groepen, soorten die op het laatste moment nog opdoken,…
Wel belangrijk. Je mag enkel de soorten en aantallen doorgeven die tijdens de vijf minuten teltijd worden gezien. Net er voor of net erna is jammer. Ook vogels die je ziet als je naar een volgend punt wandelt geef je niet in bij de punttellingen. Je mag die uiteraard wel gewoon als losse waarneming ingeven.
Je slaat nadat je alle punten hebt geteld alles op en zo worden de gegevens naar waarnemingen.be gestuurd. Daarna heb je nog een beetje huiswerk. Thuis kan je dan aan je computer je project openen, de datum van je telling aanklikken, opladen en klaar is kees. Alle gegevens zitten dan netjes in de database van Natuurpunt.Studie. Bijdrage geleverd.
Kuifje
Mijn eerste bijdrage aan dit project is dus binnen. Echt leuk om te doen. Met toch een paar mooie soorten erbij.

Zo had ik op bijna elk telpunt een aantal merels. Geruststellend, aangezien deze soort de voorbije jaren stevige klappen kreeg door een hardnekkig virus. Het plezante is dat ‘gewone’ soorten die je mag aanvinken zorgen voor een ‘hoogtepuntje’ bij elke telling. Een goudhaantje dat tussen een groep mezen meelift. Een groep staartmezen. Een waterhoentje dat plots wegzwemt op de beek.
De soort van de telling was echter een mannetje kuifeend. Die dobberde op de vijver aan Maupertuus – waar ook een telpunt is – tussen een groep van 120 wilde eenden en een tiental krakeendjes. Tijdens het tellen en tegelijk afspeuren van de groep kreeg ik ze in de kijker. Voor dit natuurgebied een zeldzame soort. Ze werd in 2019 voor het eerst met zekerheid doorgegeven – door Gert uiteraard, wie anders – maar daarvoor was er geen enkele melding. Dus een leuke opsteker.
Vandaag gingen Kristof en ik op pad met de muisjes. Buiten wat buizerds – die dan ook telkens het hazenpad kozen – en een biddende torenvalkje was het huilen met de pet op. Wel prachtige landschappen dankzij de sneeuw. Hoogtepunt was een groep boomleeuweriken die – gek genoeg – vlak voor de auto op de weg kwamen foerageren. Wat ze daar zochten? Wie zal het zeggen. Ze kwamen telkens terug, zelfs al een auto ze opjoeg. Dus was er toch iets te vinden.
De dag ervoor had ik tijdens mijn sneeuw-wandeling door de Grote Beemd naast alweer een paar houtsnippen die voor mijn voeten opvlogen, ook een roepend mannetje middelste bonte specht. Buiten één melding in maart 2013 is dit ook een primeur. De aankondiging van een broedgeval? Dat zal blijken uit mijn verdere tellingen. Spannend!